Onze eigen Echte "Nep" Rus
In juni 2005 is Bob in mijn leven gekomen. Ik was niet op zoek naar een raskat of iets wat daar op lijkt, sterker nog ik was eigenlijk helemaal niet op zoek naar een extra kitten. Mijn lieve nep-siamees Kees was de maand daarvoor op 9 jarige leeftijd overleden. Kees was onvervangbaar, uiteraard, maar ik had toch een nieuw kitten besproken. Gewoon een rode Hollandse boerenjongen en ik noemde hem Bram.
Heel toevallig via - via kwam mij ten ore dat er aan de andere kant van het land een effen grijs kitten in een kittenopvang zat. Na veel geslijm bij manlief mocht ik dat kitten erbij… En ik noemde hem Bob.
Bob mocht nog drie weken in de opvang zitten, zodat als hij kwam, hij goed gesocialiseerd zou zijn door die mensen en dan zou mijn dochter van 16 inmiddels zomervakantie hebben. Zij kon dan alle tijd en aandacht aan beide kittens geven.
In de weken die volgden had ik e-mail contact met de verschillende adressen waar de kittens verbleven. Bram lekker knus met zijn zusjes bij de moederpoes in een huisgezin en Bob in de opvang met andere kittens. Het voelde goed en ik ging ervan uit dat ze beiden de best mogelijke zorg kregen. Helaas, de waarheid was anders. Op de bewuste zaterdag gingen we richting kust met de hele familie en wat we aantroffen, daar schrokken we enorm van. Bob was zo klein en zag er zo slecht uit. Maar hij was pas 7 weken, zeiden de mensen. We keken elkaar aan, mijn dochter en ik en we wisten dat ze logen. Drie weken daarvoor tijdens het eerste contact, toen was hij 8 weken..., rara hoe kan dat? Het zogenaamde broertje, een zwart-wit, nog kleiner schlemieltje zag er helemaal uit of hij de volgende dag niet zou halen. We hebben Bob toch meegenomen, mijn man weet dat hij dan niet tegen mij in hoeft te gaan. "Redden" is mijn tweede naam zullen we maar zeggen.
We kwamen thuis, zetten Bob op de bak en lieten hem zijn eet en drink plaats zien. Hij bleef de hele zondag af- en aan op de bak gaan en loosde vieze diarree, geel-grijzig. Sociaal leek hij wel, hij was niet bang voor ons en liep onbevreesd met opgeheven staart op de grote blazende katten af. Maandag ben ik uiteraard gelijk met hem naar de dierenarts gegaan. Die schrok zich te pletter en zei eerlijk dat ze niet kon garanderen dat hij het zou halen. Het ging om een verwaarloosde darminfectie. Hij werd gewogen en woog nog geen pond. Volgens de dierenarts ging het om een katje van zeker 10 weken, te oordelen naar zijn gebit, vacht en oogkleur. Hij kreeg drie spuiten en diverse medicijnen mee, verder de opdracht hem om de twee uur een theelepeltje speciaal voer te geven.
Ik kwam met hem thuis, hij plaste over de bank en viel daarna voorover op de houten vloer in slaap. Hij kwakte gewoon zo neer. Ik heb er bij zitten janken en hem op schoot genomen om hem warm te houden. De hele nacht bij hem gewaakt, katje in mijn nek en steeds als hij wakker was, een beetje eten gegeven. De volgende twee nachten ben ik wel naar bed gegaan, maar om de twee uur naar beneden voor het theelepeltje eten... Bob had inmiddels een razende eetlust en vrat het lepeltje er haast bij op!
Ik had ondertussen meerdere malen contact gezocht met de kittenopvang, ook omdat ik me zorgen maakte om het andere kitten, maar daar hielden ze de boot af, volgens hen was Bob daar niet ziek en met het andere kitten was ook niets mis. Onze dierenarts meldde echter dat Bob echt al weken ziek geweest moest zijn en dat hij zonder de medicatie het niet gered zou hebben, ik was er nog maar net op tijd bij. Na de darminfectie kreeg Bob nog een luchtweginfectie en later nog een keer ontstoken ogen. Gelukkig geen niesziekte. Daar heb ik hem niet tegen laten inenten omdat ik slechte ervaringen heb met het laten enten van een ziekelijk kitten.
Bob heeft een heel moeilijk eerste half jaar gehad en ik liep de deur bij de dierenarts plat. Het heeft handenvol geld gekost, maar dat is het me dubbel en dwars waard. Op een gegeven moment heb ik het opgegeven de kittenopvang "op te voeden". Ze waren niet voor rede vatbaar. Ik kon Bob redden, maar ik kan niet alle katjes redden, helaas……
Bob is nu ruim een jaar oud en zijn tweede halve jaar ging uitstekend.
Hij is uitgegroeid tot een prachtige glanzende kat, blauwgrijs, met een opvallend lang slank en soepel lijf. Zijn kop is lang zonder neusstop. Voor mij is Bob de mooiste en de liefste en de slimste kat die een mens zich kan wensen! Of ik zonder zijn slechte start net zo'n hechte band met hem zou hebben, dan wanneer het om een gezond kitten had gegaan, dat zullen we nooit weten.
Bob heeft één lievelingsmens gekozen, hij hangt graag over mijn schouder en is gewoon een verrukkelijk beest om in huis te hebben.
Met dit verhaal wil ik geen reclame maken voor het aanschaffen van kneusjes uit een duistere kittenopvang. Het blijft uiteraard een stuk verstandiger om een goed gesocialiseerd en gezond kitten bij een goede fokker te kiezen. Spijt heb ik er niet van, Bob is een heel speciale kat met een gouden karakter en ik hoop nog heel lang van hem te mogen genieten. Hij oogt nu blakend gezond en heeft nooit meer last van zijn darmen gehad. Maar het had ook helemaal fout kunnen lopen. Bij deze opvang ging het niet om het geld, ik heb maar heel weinig voor hem betaald. Maar ik vind persoonlijk niet dat je van kittenopvang kunt spreken als je zieke kittens niet de juiste medische verzorging biedt. Het heeft me al met al veel meer geld gekost dan ik betaald zou hebben voor een gezonde Blauwe Rus. En het had uiteraard heel verdrietig af kunnen lopen. Het was echt erop of eronder.
De band die ik met Bob heb is echt heel speciaal, hij is super lief en aanhankelijk, hij ligt elke avond lekker naast me op de bank, pootjes op mijn heup. Hij hangt heel graag over mijn schouder en wordt dan zo rondgedragen. Hij weegt nu ruim 6 kg dus dat houd ik niet zo heel lang vol! Hij is sociaal naar alle mensen in huis en hij gaat heel goed met de andere katten in huis om. Spelen doet hij als geen ander, zoals Bob rond kan scheuren, dat houdt geen van de andere katten bij.
Zijn rode vriendje Bram doet mee, maar waar Bob netjes langs alle obstakels suist, daar vliegt Bram met zijn veel kortere lijf vaak pardoes tegenop. Zoals Bob de trappen neemt heb ik nog nooit een kat een trap zien opscheuren; aan de smalle kant langs de houten paal in één vloeiende beweging naar de volgende verdieping. Mijn zeven katten lopen niet los rond buiten, maar in een katten-ren. Via een kattenluikje vanuit de woonkamer. Als ze krijgertje spelen, scheuren Bob en Bram dan zonder afremmen het luikje door. Ik heb wel eens meelij met rode vriendje Bram - zo vaak die zijn hoofd stoot!
Voor Bob en mij is dit goed uitgepakt, de liefde is wederzijds - maar promoten doe ik een aanschaf van een ziek kitten uit een dergelijke kittenopvang uiteraard niet. Bob is een plaatje om te zien. Hij lijkt heel erg op een Blauwe Rus. Hij is waarschijnlijk niet gekruist met een Europese Korthaar, ik denk eerder misschien met een Oosters Korthaar type. Zijn afkomst zal altijd wel onduidelijk blijven. We gooien het maar op een 'nieuw' ras: de Oosterse Rus: hij is veel spitser dan een echte Blauwe Rus.
Het is heerlijk om hem als huisgenoot te mogen hebben - echt een genot.
Bob is mijn eigen
echte "Nep-Rusje"
.
Tekst: Dinie Uneken
Lees hier nog een leuke anekdote
Door Blauwe Russen liefhebbers - Voor Blauwe Russen liefhebbers